Kyototrip dag 5: Pauze in Okaka

Foto's:
http://imgupload.jeffjuh.nl/rv/Web0106/

Placemarks:
http:///placemarks/Kyoto_5.kmz

Zo, ik heb net de douche in dit geweldige (kuch kuch) hotel uitgeprobeerd. Met net bedoel ik trouwens vanavond, net voordat ik begon met het schrijven van dit dagverslag. Ik ben niet naar de gemeenschappelijke douches gegaan, er was 1 prive douche die gelukkig niet bezet was. Waarom godzijdank? In Japan (in dat hotel tenminste) is het blijkbaar de gewoonte dat je een hele dunne (blauwe) 'badjas' en slippers aan doet als je gaat douchen in de gedeelde douches. Dat betekent dat ik eerst vanuit mijn kamer op de 8e verdieping naar de crappy lift moet lopen, naar de crappy 1e verdieping moet gaan en dan hopen dat de crappy prive douche niet bezet is, want anders kan ik weer teruglopen naar mijn crappy kamer, of wachten in de gedeelde 'woonkamer' met de andere randgevallen van deze samenleving. Daar kwam trouwens nog bij dat de vage Australier van gisteren wel erg opzoek was naar aandacht, wat de oorzaak was van alle homograpjes de hele dag door :O Dan toch maar de publieke douches overslaan en de privedouche nemen..

Maar even over Osaka: wat een saaie lelijke rotstad zeg. Ik vond Kyoto ook niet zo bijzonder (de stad zelf dan, de tempels waren erg mooi), maar Osaka is echt tien keer lelijker en viezer. Osaka ziet er uit alsof het 20 jaar geleden gebouwd is en daarna nooit meer is schoongemaakt. Zo voelde de stad tenminste aan voor ons.

's Morgens zijn we eerst naar Osaka castle gegaan in het midden van de stad, tussen alle moderne gebouwen in. Het was een dag met erg veel bewolking. Perfect voor het kleurloze Osaka. Zelfs al werd de gay parade hier gehouden dan was de stad nog zwart-wit. Zoals je misschien al gemerkt hebt zijn we niet erg enthousiast over Osaka sinds het brakke hotel en de donkere buurten gisteren. Enkele bijnamen: crappy Osaka, Okaka, shitty city etc. Aangekomen bij het kasteel bleek dat het park eromheen bijna helemaal afgezet was vanwege constructiewerkzaamheden. Het kasteel zelf zag er wel redelijk uit vanuit de verte, maar eigenlijk niet erg indrukwekkend na alles dat we gezien hebben in Kyoto, Nara en Himeji. Het museum binnenin was wel grappig, maar ook niet echt bijzonder.

Eigenlijk was vandaag een soort van rustige dag voor ons, omdat we ons alledrie niet bepaald optimaal voelden. Ik schreef gisteren dat Aaron en ik ons kapot hadden gezweet in het hotel in Kyoto en daarom de airco een stuk lager hadden gezet. Die werd iets te koud, en Jose die onder de airco sliep was redelijk verkouden. Sorry Jose :x Aaron had een ingegroeide teennagel wat het lopen nogal lastig maakte (die teennagel heeft ie trouwens laten fixen in het ziekenhuis de dag voordat ik dit op de weblog post), en ik had mijn rechterarm redelijk verrekt bij het iets te enthousiast optillen van mijn weekendtas, maar dat viel nog wel mee. Bovendien hadden we alledrie last van onze voeten na zoveel dagen fietsen, lopen en klimmen.

Na het kasteel liepen we dus heel rustig naar de volgende bestemming: een paar tuinen op de daken van gebouwen. Ik heb geen zin om er meer over te zeggen want het was heel saai. De metrostations zijn trouwens ook heel grauw en vies. Ik heb ook het vage idee dat de mensen in Osaka minder vriendelijk zijn dan in bijvoorbeeld Tokyo. Er wordt veel meer geduwd in de trein en meer getoeterd en geschreeuwd op straat. Vaag feitje: in Tokyo sta je stil aan de linkerkant van de roltrap en loop je aan de rechterkant, in Kyoto en Osaka is het net andersom :/.

We hebben de metro genomen naar het centrum van Osaka, richting de wolkenkrabberbuurt, waar in de hoogste wolkenkrabber op de bovenste verdieping een observatorium is waar je mooi over de stad kan uitkijken. Bij het juiste station aangekomen bleek dat we door de vele wolkenkrabbers het gebouw dat wij wilden vinden niet konden zien :( Na een tijdje doelloos rondgelopen te hebben tussen alle wolkenkrabbers vonden we een plattegrondje waarop stond dat het gebouw dat wij zochten een ..flink eindje lopen was, in de tegenovergestelde richting waar wij heen liepen. Een aardig stukje lopen later kwamen we eindelijk aan bij het gebouw, en dat was gelukkig ruim de moeite waard. Op het dak van dat gebouw kon je naar buiten lopen waar je een prachtig uitzicht had op de stad (en het was nog redelijk windstil ook). De wolkenkrabberbuurt liet ons al een beter stukje van Osaka zien, maar vanuit deze toren was het nog beter. Het was heerlijk stil en rustig (en fris en schoon) bovenop het dak van het gebouw. Wij waren weer de enige mensen daar trouwens. Japanners zal je niet op een toeristische plek tegenkomen op een werkdag.

Na de wolkenkrabber hebben we een toeristische route genomen terug naar het station, daar even gegeten en vervolgens doorgegaan naar de volgende bestemming: de haven van Osaka. Daar hebben we een tour van het havengebied genomen in een oud Spaans schip genaamd de Santa Maria. Het 'oude' schip was niet zo oud, maar het was gemaakt om te lijken op een oud Spaans zeilschip. Maar dan met dieselmotoren. De tour bleek niet veel verder te gaan dan een paar kilometers een kanaal in, omkeren en dan weer terug, maar het was toch wel interresant (en een stuk leuker en verfrissender dan de rest van Osaka waarschijnlijk). En de zon ging net onder dus ik heb nog wat mooie foto's kunnen maken, onder andere van een boot genaamd de Lauriergracht uit Amsterdam. Zie foto's :)

Het accent van Osaka is heel apart trouwens. Misschien een beetje als Gronings vergeleken met Nederlands. Voorbeeld: 'ik weet het niet' in het Japans: 'wakaranai', in Osaka-ben (Osaka-dialect): 'wakarahen(de)'. Of verkeerd/fout, dat is in normaal Japans 'chigau', maar in Osaka-ben 'chau'.

Na de tour zijn we naar Nipponbashi gegaan, een wijk dat (op Akihabara in Tokyo na) de meeste electronicawinkels zou moeten hebben in heel Japan. Kortom, een paradijs op aarde voor ons drie geeks. Klinkt prachtig, het enige probleem was dat toen we er aankwamen we echt geen enkele electronicawinkel konden vinden, en alle andere winkels waren gesloten. En dat waren dan ook geen winkels in de categorie grote warenhuizen, maar meer brakke achterbuurtwinkeltjes. Ik gok er op dat we de verkeerde kant opgelopen zijn, maar we hadden ook geen zin meer om terug te lopen, dus we zijn naar Dotonburi gegaan. Dotonburi is een wijk direct naast Nipponbashi die bekend staat om zijn vele (goede) restaurants. Dotonburi gaf ook een redelijk uitgestorven en saaie indruk. Na wat zoeken en kijken hadden we gekozen voor een ramenrestaurant dat er wel redelijk uitzag, en dat bleek een goede keus te zijn. De soep van de noodles was de beste die ik tot nu toe hier gehad heb (alhoewel ik nog steeds vind dat de noodles zelf lekkerder zijn bij de lokale ramenshop in Atsugi) en het uitzicht was ook leuk (^_^). Toen we het restaurant uitliepen bleek Dotonburi opeens een stuk gezelliger, met een heleboel mensen, veel meer lawaai (muziek) en leuke lichtjes.

Omdat we niet echt veel zin hadden om terug te gaan naar ons geweldige hotel zijn we nog even naar de arcades gegaan, die in Japan trouwens bijna net zoveel te vinden zijn als conbini's. Eigenlijk houd ik er niet zoveel van omdat ik denk dat het pure geldverspilling is, maar ik begin een paar spelletjes toch echt leuk te vinden. Populaire spelletjes in Japan zijn op dit moment het taiko spel, waarbij je met twee houten stokken op een grote trommel ramt op de maat van de muziek. Dit soort 'speel op de maat van de muziek'-spellen zijn hier heel populair; behalve de taiko's heb je ook nog een soortgelijk spel maar dan met een gitaar, een compleet drumstel en een DJ scratchtafel. Het is ziekelijk om te zien hoe goed sommige Japanners daarin zijn. Ik had eigenlijk een filmpje moeten opnemen want dat is echt onvoorstelbaar om te zien. Intussen hebben Jose en ik lekker gegitaard op beginnerniveau :) Na de arcades zijn we teruggegaan naar

het hotel, waar ik nog even gedouched heb en op bed ben gegaan.

Posted in Uncategorized